Neplog

Op de website van Onze Taal kun je meedenken over 'het woord van het jaar 2007'.
Woorden die bijvoorbeeld al op de groslijst staan:

Bokitoproof
Comadrinken
Ex-moslim
Krachtwijk
Lokhomo
Weigerambtenaar
Wilfen

Die laatste kende ik niet. Het is 'surfen op het internet waarbij men niet meer weet naar welke informatie men oorspronkelijk op zoek was'.
Ik wilf ook wel eens. En u?

Je kunt ook suggesties sturen. Ik heb het woord 'neplog' ingestuurd. Neplogs gaan het in 2008 helemaal maken, maar voor Onze Taal zou het wel leuk zijn als ze het nu al opnemen.

Morgen ben ik in Nijmegen, op de Wintertuin, alwaar ik word geïnterviewd. Ook reik ik daar de prijs voor het beste neplog uit, een wedstrijd die door Op Ruwe Planken bedacht is. Bedenk een personage en houd een weblog bij vanuit dat personage. Veel leuker dan de traditionele verhalenwedstrijd! Komt dat zien dus, morgen. Die hele Wintertuin is overigens een goed idee.

Briefjes en geheimen

ik weet dat ik het kan

Dit briefje vond ik op straat. Het trof me omdat iemand de moeite had genomen zoiets op te schrijven. Het trof me ook, omdat het zo leesbaar was en toch ook nat en doorleefd op de vroege ochtend. Een meisje had het opgeschreven, dat zie je aan het handschrift. Verder kun je alleen maar gissen over het waarom.

Je kunt ook géén foto maken van het briefje. En gewoon doorfietsen, niet stoppen, hoef je die camera niet uit je tas te halen, staat niemand raar te kijken als je het wegdek vastlegt. Je kunt het briefje ook niet zien. Je kunt het briefje ook vertrappen, expres, omdat je een briefjesvertrapper bent. Ik maakt de foto wel. Blijkbaar heb ik verzameldrang.

Wim Brands heeft die ook. Hij startte in samenwerking met uitgeverij Nieuw Amsterdam het project Briefgeheimen. Voor de lezers van NRC Next wel bekend, denk ik: door de gewone mens ingestuurde geheimen, vormgegeven op een briefkaart. In het begin geloofde ik er niets van, dat al die geheimen door gewone mensen werden ingestuurd en vormgegeven.

Maar onlangs kocht ik het boek Briefgeheimen, een echt salontafelboek op A4-formaat, en zag ik wel dat alles door 'amateurs' in elkaar gezet was. Dat maakte het boek alleen maar mooier. Er staan wel honderden geheimen in en elke keer dat je het boek openslaat is er een nieuw geheim.

Briefgeheimen

Spoor 2

Op het perron begon uit het niets keihard een stewardess tegen me praten.
'De trein naar Schiphol is er nog niet. Enig idee hoe lang het nog gaat duren?'

Ik wilde haar juist gaan uitleggen dat ik niet van de NS was, toen ik zag dat ze tegen een paal praatte.
Op de paal stond SOS.

'Hij moest er om 13.38 uur zijn. Het is nu kwart voor geweest. Is er iets aan de hand?'
Oud was ze geenszins.
Maar voor een stewardess dan toch wel.

'Nee, er staat juist niets op het bord. Dus ik heb geen idee van de vertraging. Is het een kwartier, of een uur, of komt ie helemaal niet? Dan moet ik dat door gaan geven aan mijn meerderen. Er staat helemaal niets op het bord.' Haar stem was schel.

'Nee, er STAAT NIETS OP HET BORD! Ik vraag hoe lang het nog gaat duren!' Ik was blij dat ik de andere kant op ging reizen. En dat ik niet in een vliegtuig hoefde. In ieder geval niet met KLM.

'IK WIL WETEN HOE ERG DE VERTRAGING IS!' (..) 'NEE!! DAT ZEG IK!' Het was even stil. Ik hoorde alleen ruis.

'LAAT MAAR. Hij komt er al aan. Straks mis ik hem nog.'
En daar ging ze, huppelend naar de trein, die rustig tot stilstand kwam.

Curly Kale

In de serie diarreeremmer of wat vind je in de supermarkt:
Curly Kale!

Wat?
Juist. popup.

Maus voor al uw problemen

Zoëven (prachtwoord) stond ik in de kamer te springen op een liedje van Amy Winehouse. Los!, daar ik ging.
Ik sloeg denkbeeldige boksers tot moes, ik headbangede alsof ik iets ranzigs van mijn rug wilde gooien en ik playbackte alsof ik Madonna was.

Plots stond ik stil.
De blik van Maus.
Vanaf de kast. Neerbuigend. Hoofdschuddend.

Ik zweer het je.
Als Amy Winehouse een kat als Maus had, was ze in het gareel gebleven.

NB:
Sommige snoodaards (prachtwoord) beweren in het reactiepaneel dat het zo-even is in plaats van zoëven. Maar zo-even vind ik helemaal geen prachtwoord.

Wandeling in beeld

Het was weekend en tijd voor een wandeling.
ochtendsluimer

Iemand was niet zo blij met het boeket.
oeps

Het zou nog heel hard gaan regenen.
pretty

Maar niet terwijl ik wandelde.
uitzicht!

Mensen doen gekke dingen met woorden.
haha

Vruchtbare wijk.
it's a boy it's a girl

En de man uit Alles is Liefde was er ook:
hee die man uit alles is liefde!

Het onhandige van wandelen is dat je dan weer terug moet naar je fiets.
Maar verder kan ik het iedereen aanraden. :-)

Televergaderen

Meer dan een week geleden alweer mocht ik iets vertellen tijdens een Ipan-bijeenkomst. Het ging over vrouwen en internet en ik dacht 'gaaaap'. Maar niets bleek minder waar. Vooral het etentje ervoor leverde boeiende gesprekken op met erg inspirerende vrouwen. Op het podium zelf bleef de discussie echter hangen in man/vrouw-opendeuren.
Maar na afloop, tijdens de dan weer zeer geslaagde borrel, kwam er een meneer naar me toe die mij vroeg een heel interessante klus te doen.
Met geheimhoudingsplicht!
Spanning en sensatie in het leven van uw weblogster.

Zoals dat hoort bij spanning en sensatie gebeurde er al meteen iets heel onverwachts. Gisteren had ik voor het eerst van mijn leven een virtuele vergadering. Ik deed niet onder voor Jack Bauer van 24 (dit filmpje is geniaal, via 2525).
Tenminste, ik wílde niet onderdoen voor Jack Bauer.
Dus schafte ik de duurste headset aan en poetste ik mijn webcam tot hij glom.

Klaar zat ik, toen het spektakel zou beginnen. Test, 123, alles deed het. Kom maar op!
Alras verschenen er vier schermpjes op mijn beeldscherm.
Op één ervan was ik te zien. Grote schok, want mijn haar zat voor geen meter. Snel gefatsoeneerd.
Op de andere drie schermpjes waren vrouw 2, man 1 en man 2 te zien.

Ik zwaaide blij in de camera. Hallo! Hallo! Hallo!
Alleen vrouw 2 zwaaide niet terug.
Problemen met de apparatuur, schreef ze in de chat.
Haha!, dacht ik, die heeft ook slecht geoefend.
Ik voelde me apetrots.
Ik, vrouw, en supergoed met apparatuur. Check.

We praatten met elkaar, terwijl vrouw 2 wanhopig probeerde het gesprek te volgen.
Soms vond mijn verbinding het wat ingewikkeld, maar het ging op wat haperingen na heel goed.
Man 1 en man 2 waren wel way too wifi for me, en konden elkaar continu perfect volgen.
Vrouw 2 was inmiddels wel goed ingeschakeld en kwam ineens erg intelligent uit de hoek.

Toen ging het mis.
Vanaf het moment dat vrouw 2 goed op dreef was, kwam ik er niet meer tussen.
De rest van de vergadering probeerde ik wanhopig zo snel mogelijk weer in te loggen als ik er weer uitgegooid was, en probeerde ik iets van het gesprek te blijven volgen, wat geenszins lukte.
Soms zei ik iets en keek de rest heel onaangedaan.
Maar dat kwam omdat ze me niet konden verstaan en ze gewoon onaangedaan keken.
Vrouw 2 vroeg of je hier ook mocht roken.

'Oké, dan spreken we het zo af', kon ik nog net verstaan. En hop, ik lag er weer uit.
'Aaaaah, Merel, zou je alsjeblieft je microfoon kunnen uitzetten?', hoorde ik, toen ik net weer was ingelogd.
'Je stoort!'
'Ja maar, ja maar', piepte ik.
'Ik bel je zo wel', zei man 1.
Ik trok aan stekkers en vinkte echo's uit. Niets mocht baten. Ik stond erbij en keek ernaar.

En zo eindigde mijn eerste televergadering in een telefonische briefing.
Handig joh.
Televergaderen. :-)

Finishlijn

Vroeger liep ik samen met mijn leeftijdsgenootjes ongeveer eens per week de 1000 meter op een sintelbaan in diverse uithoeken van het land. Tweeënhalf rondje. Op gravel of op tartan of op sintel, maar sowieso op spikes. Toen vroeg ik voor Sinterklaas nog spijkertjes om onder mijn spikes te bevestigen. Die nam je dan in een zakje mee, om ze te kunnen verwisselen als de ondergrond erom vroeg. Een beetje zoals ik nu een extra lens voor mijn camera meeneem, als ik ga fotograferen.

Evenwel.
Er waren erbij die keihard van start gingen. Die dachten misschien dat ze de haas waren, of die wilden in ieder geval heel even op kop lopen. Je kon ze laten gaan, want die haalden het nooit.
Je had meisjes die de race gelijkmatig verdeelden. In hun eigen tempo. Elk rondje even hard. Steady.

En je had de meisjes die ongeveer 800 meter lang ergens achter de koplopers hingen. Die in het oog met de finish, die laatste bocht, besloten alles nog even te geven. Die de verzuring wegbeten, het zweet lieten voor wat het was, de koploper zagen als enige doelwit. Die alles gaven, op het laatste stuk, die de koploper naderden, die vlak voor de finish ineens voorbijkwamen. Stuklopen kan, als je daarna neer kunt vallen.

Je kunt nog enkele uren stemmen bij the Bobs, de internationale weblogprijs.
Ik heb wat support nodig.

(en je hoeft overigens niet al die dingen in te vullen, alleen Beste Nederlandse weblog. Je mag trouwens ook op Onze Man in Teheran stemmen, dan ben ik ook gelukkig)

Update:
Frankwatching
en Volkskrantblog waren de winnaars.
Gefeliciteerd!

Free Rice

Spelletjes voor het goede doel, altijd goed.
Raad de betekenis van woorden en doneer rijst aan arme landen.
Ik daag iedereen uit om tot level 43 te komen.
Free Rice.
Uitdaging twee: kan iemand (ik denk aan iamzero) even een Nederlandse variant maken, want het valt nog niet mee.

Snackbar aan het einde van de wereld

Ik twijfelde of de snackbar wel open was. Buiten was het zo donker dat het diep in de nacht leek. Binnen was het nauwelijks lichter. Maar het was zaterdagavond, een uur of acht, een prima tijd voor een snackbar om open te zijn. Bij nadere inspectie hing er inderdaad een bordje met 'Open'.

Het regende en er waren rukwinden.
Ik had me achter het stuur zelden zo onveilig gevoeld als in het gehuurde Fiat Panda'tje.
De ruitenwissers van de Panda hadden een heel eigen techniek, zo was gebleken. De wegligging liet een tikkeltje te wensen over. De Afsluitdijk was een hele uitdaging geweest.
De snackbar lag aan een nauwelijks verlichte weg.

Ik stormde de zaak binnen.
Letterlijk. In mijn kielzog nam ik een windvlaag mee.
'Oeps. Goedenavond', zei ik, voordat ik de stemming in de snackbar in me had opgenomen.
Het was er doodstil.

Toen de man achter de toonbank niet antwoordde, deed een stelletje dat.
De man en de vrouw zaten met mutsen op aan een tafeltje patat te eten.
'Gutenabend', zei de vrouw.
Vervolgens wierp ze me een blik toe waaruit ik afleidde dat ik niet te veel moest verwachten van mijn avondmaal.

De man achter de toonbank was demonstratief de frituur aan het schoonmaken.
Ik wachtte geduldig.
Het duurde lang.
Heel lang.
Ik schraapte mijn keel.

De man keek me aan en zuchtte. Hij verdween naar achteren.
'Saskia!', riep hij.
'Saaaaaskia!', na een tijdje.

De Duitsers grinnikten en haalden hun schouders op.
Saskia verscheen. Een grote vrouw met heel kort haar en een rood schort voor.
'Wat wilt u hebben?'
'Ik wil graag een portie friet, als het nog kan. Anders iets anders.'
'Dat moet lukken.'

En het was weer stil.
De Duitsers verlieten het etablissement, waar nog plaats was voor zeker vijftig andere stelletjes. In de zomermaanden was het hier vast heel druk.
Ik wipte van mijn ene been op het andere.
Ik verstuurde een sms.
Op de radio hoorde ik een levenslied.
De man ging door met schoonmaken. De vrouw keek uit het raam, waar niets dan duisternis te zien was.

De patat besloot ik in de kleine Fiat Panda op te eten.

Geen strand

Check het geen strand.

het strand is weg

Ziet u het?

SMS

Heijd netjseks is inmiddels een algemeen begrip in een deel van mijn vriendinnengroep. Ook zorgen mijn collega en ik er altijd voor dat we iets vroeger komen, zodat andere collega's onze (flex)plek niet gorillen. En dat ik elke maand ongerudje ben, daar had ik het al eerder over. Vriendin Q. noemt me nietje in plaats van mietje.

Vannacht kon ik niet slapen omdat ik op uitnodiging van iemand aan zee was, vlak aan die kust, die voor het eerst sinds dertig jaar geheel bewaakt werd vanwege de stormvloed. Achter de dijk lag ik, en de kamer waar ik in lag leek gemaakt van luciferhoutjes. Bij elke slagregen hoorde ik het water door de kieren van de muren sijpelen. Mijn voeten voelden klam aan. En vergiste ik me, of zat het raam niet helemaal goed in de sponning? Ik zag het bouwpakket dat het huis was de lucht in gelanceerd worden. Het water kwam tot over de dijk en binnen de kortste keren was het hele land overstroomd. Ik moest naar zolder vluchten, ware het niet dat er geen zolder was. Ik moest het licht aandoen om bevestiging te krijgen dat ik overvallen was door nachtelijke waanideeën.

Uit pure slapeloosheid ging ik de sms'jes bekijken die ik heb bewaard in mijn inbox. Heijd netjseks, 'snel, anders gaan ze onze plek gorillen' en 'hahaha, je bent een nietje' kwamen erin voor.

Maar het hardste moest ik lachen om: "ja duh natuurlijk MAN IK ZIE NU PAS DAT IK OMRINGD BEN DOOR STERVENDE VLOOIEN".
Geen idee meer waarom.
Maar in paniek zoveel hoofdletters sms'en, respect.

Naar de schouwburg

Bij de halte Onderuit stormden elf blonde jongetjes de tram in.
Blond, blank en blauwogig.
Een van hen bleek een meisje.

Ze gingen met z'n allen naar een theatervoorstelling.
Dat trof, ik ook.
Er was iemand jarig.
'Ik heb de film geziehien', zei een van de jongetjes.
De helft van de jongetjes zei 'ik ook, ik ook, ik ook, ik ook'.
Daarna stonden ze bijna allemaal op en renden ze door het gangpad, waarbij ze heel veel lawaai maakten en elkaar openlijk probeerden te verwonden.
Tot ze tegen de moeder opbotsten die net klaar was met twaalf keer stempelen.

'In januari ga ik naar Ciskeeeee', zei een van de jongetjes. 'In Carréhéé.'
'Ik ken de jongen die Ciske speelt', zei een ander.
'Echt?', vroeg de een.
'Ja, maar één van de Ciskes hoor, want er zijn er drie.'
Het was even stil. Heel even.
Heel even was het net alsof de jongetjes niet in waren gestapt.
'Ik ken alleen een van de jongetjes in de klas van Ciske op het podium', zei toen een ander.

'Ken je die Ciske van school?'
Dat was de moeder.
'Nee', zei het jongetje dat Ciske kende. 'Ik ken hem van het vrienden zijn.'

Verderop sloeg een van de jongetjes een ander jongetje keihard tegen zijn hoofd.
Die vond dat heel normaal en sloeg het jongetje net zo hard terug.
Deze actie herhaalde zich een aantal maal, tot een van de twee keihard begon te gillen.

Dat keihard gillen, dat deed de hoofdpersoon van de voorstelling ook.
Het was namelijk Ronja.
Ronja de Roversdochter.
Die haar lentegroet deed.
Ik doe al jaren de lentegroet in navolging van Ronja, maar het geluid dat uit deze actrice kwam, zal ik mijn leven lang niet kunnen evenaren.
Gelukkig zat ik naast een meisje dat Merel heette, dat zei, toen de acteurs poedelnaakt op het podium stonden: 'Gelukkig hebben ze van die speciale blootpakken aan.'

Herfst

nog even en het is kaal

Op de Fiets (90)

Het jongetje schoot net voor me langs toen ik schuin het moeilijke plein over was gestoken. Hij leek een jaar of tien, maar hij was vast ouder - hij had een middelbare schooltas op zijn rug. Om mij voor te blijven moest hij flink doortrappen.

Zo reed ik een tijdje vlak achter hem.
De reflector van zijn achterlicht was kapot.
Omdat hij verwoed doortrapte en daarom niet afremde voor een hobbel in de weg, brokkelde een volgend stukje rood plastic af.
Het sprong op tegen mijn wiel.

Hij keek om, of ik nog achter hem zat. Toen hij me zag, trapte hij iets harder.
Hij had rood haar, zag ik pas nu, en veel sproeten.
Ik vermoedde ineens dat hij gepest werd. Niet vanwege dat haar, noch vanwege de sproeten. Iets in zijn blik gaf het prijs.

'Kom dan', zei hij ineens, terwijl hij haastig achterom keek. 'Als je zo nodig moet', zei hij.

Hij zou nog een hartaanval krijgen van deze sportieve activiteit met twintig kilo op zijn rug en een te klein fietsje. Ik maakte vaart om hem in te halen, toen hij plotseling op de linkerhelft van het fietspad ging rijden. Om mij er niet door te laten.

Verbaasd liet ik me weer terugzakken.
'Kom dan!', riep hij. Hij was weer terug op de rechterkant en maande met zijn arm dat ik langszij moest komen.
Ik besloot heel hard langs hem te gaan.
Op het moment dat ik op zijn hoogte was, zwiepte hij zijn stuur weer naar links, zodat ik hard moest remmen om niet te botsen.
Ik hoorde een tram.

Hij lachte er niet bij.

Ik ging weer achter hem hangen.
'Schiet op dan. Kom er dan langs', zei hij.
Er kwam een gevaarlijke kruising aan en ik zei dat hij voor zich moest kijken.

We passeerden de kruising.

Hij keek achterom en gooide zijn hoofd in zijn nek. Het was hem ernst.
'Kom dan!', riep hij.
Op dat moment deed ik het.
Ik kwam langszij. Ik keek het jongetje even recht in zijn ogen. Hij had vlammetjes in plaats van pupillen.
Hij probeerde me bij te houden, maar wist ook dat hij volkomen kansloos was.

'Trut!', riep hij.
Ik verwachtte een trap tegen mijn bagagedrager, maar die bleef uit.

Toen ik even later rechtsaf ging, zag ik hem slingerend rechtdoor gaan.
Hij had me angst aangejaagd.